Gaby Crince Le Roy: De vrouw die niemand zag


 

.................................................

//FICTIEVROUWEN//
De vrouw die niemand zag

Gaby Crince Le Roy
Amsterdam: Prometheus, 2009

ISBN: 9044613936

Recensie: Connie van Gils

.................................................


 

 

 

 

 

 

 

 


 



Een dapper boek over een niet zo dappere vrouw

Op de kaft van De vrouw die niemand zag van Gaby Crince Le Roy staat een garçonette met een petje op en een lucifer in haar mond. Ze kijkt opzij. Op de achtergrond staan de benen en het kruis van een man en een vrouw in lange broek. Nog verder naar achteren is iets wat op een hek lijkt. Daar houdt de wereld schijnbaar op.

Dat het een geslaagde omslag is, blijkt als al mijn collega’s en klanten, ook degenen die nooit een boek lezen en ook de mannen, het boek van mijn bureau nemen, doorbladeren, de achterkant lezen, wegleggen en weer opnemen. Dat is opvallend, vooral als je weet dat mijn bureau altijd vol met boeken ligt. Waarom nou net deze ene uitgave?

Ook de titel fascineert. Gaat het nu over een vrouw die niet wordt gezien of over een vrouw die niet in staat is anderen te zien?

In De vrouw die niemand zag beschrijft de biseksuele Charlotte/Charly fragmentarisch, aan de hand van associaties en herinneringen haar leven. Ze vertelt over haar jeugd in Amstelveen waarin haar vader haar moeder verlaat voor de ijdele Tracy die over iedereen een mening heeft en de moeder is van haar vriendje. Over haar Indische familie in Den Haag en over haar tijd als twintiger in Bologna waar ze denkt gelukkig te kunnen zijn, omdat Italië nou eenmaal beter bij haar past dan Nederland en omdat ze daar Engels mag spreken, wat haar beter afgaat dan Nederlands, totdat het ook daar misgaat. En over haar volwassen leven als rechter. Het werk maakt een autobiografische indruk.

Charly is zich er al jong van bewust dat ze zich aangetrokken voelt tot vrouwen. Maar pas als Eva, een lesbische vrouw, haar op de mond probeert te kussen, waarbij Charlotte haar gezicht snel wegdraait, wordt ze zich bewust van de gelegenheid tot seks. Ze laat zich midden in de nacht in een taxi naar Eva toe rijden en dat is het begin van een gepassioneerde, geheime verhouding. Reden daarvoor is dat Charlotte inmiddels samenwoont met de dominante Floris. Seks met Eva is een openbaring voor haar. Ze is verrukt en geniet met volle teugen van de affaire, maar na een tijdje maakt Eva het uit. Ze kan niet tegen dat stiekeme gedoe: "Een verborgen liefde is geen liefde."

De vrouw die niemand zag gaat over een vrouw met een onvermogen innig met mensen om te gaan. Ze kan niet goed contact maken met anderen, maar eigenlijk ook niet met zichzelf. Ze durft niet te kiezen en nergens voor te gaan staan, omdat ze eenvoudigweg niet weet wat ze wil of wie ze is. Ze is te welopgevoed, concludeert ze ergens. Te netjes en aangepast om te kunnen willen, verlangen, begeren, grijpen, ambiëren of gewoon ‘zijn’. Ze is meer een toeschouwer van dan een deelnemer aan het leven. Ze wacht op iets en ondertussen gaat jaar na jaar voorbij zonder dat er iets gebeurt.

Wat we krijgen voorgeschoteld is een haarscherp beeld van iemand die voor zichzelf en de anderen vaag blijft, onzichtbaar zelfs, die nooit in beeld komt. Dat is wáánzinnig knap gedaan, want in zichzelf bijna onmogelijk.

Het boek is geen 'pageturner', maar bevat talloze prachtige observaties en goedgekozen, herkenbare details.